machine

vrouwelijk (de)/maˈʃinə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. werktuigbouwkunde (werktuigbouwkunde) een mechanisme dat een vorm van beweging of energie in een andere vorm van beweging of energie kan omzetten

Etymologie

*Uit het Frans machine; uit het Latijn machina.

Vertalingen

Engelsmachine, engine
Fransmachine
DuitsMaschine
Spaansmáquina
Portugeesmáquina
Russischмашина
Turksmakine, makina
Poolsmaszyna
Zweedsmaskin
Deensmaskine