maf

mannelijk (de)/mɑf/

Wat is de betekenis van maf?

maf betekent: gek, vreemd, onverwacht, ongebruikelijk, raar

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. informeel_in_het_nederlands, jiddisch-hebreeuws_in_het_nederlands, spreektaal_in_het_nederlands gek, vreemd, onverwacht, ongebruikelijk, raar
bijwoord
  1. op een vreemde, onverwachte, ongebruikelijke, rare manier
zelfstandig naamwoord
  1. roggenbrood met krenten
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van maffen
  2. gebiedende wijs van maffen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van maffen

Voorbeelden van "maf" in een zin

  • Hij had een bepaald maffe hoed op.
  • Gister deed-ie zoiets mafs dat ik m'n lachen bijna niet in kon houden.
  • Sinds zijn blessure loopt hij echt nog maffer.
  • Ik maf.
  • Maf!

Etymologie

in de betekenis ‘gek’ voor het eerst aangetroffen in 1731

Vertalingen

Duitsblöd
Engelscrazy
Fransloufoque
Spaanschiflado, disparatado