magere hein
mannelijk (de)/ˌmaɣərəˈhɛin/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (persoon) (schertsend) zeer magere en vrij lange manTenzij je een magere hein bent die normaal amper wat eet natuurlijk.
- (figuurlijk) zeer mager dier„In het begin zaten er veel ‘magere heinen’ tussen”, aldus Leewis. „Maar de laatste dagen zijn de vissers tevreden: er zit voldoende voedsel in de maag en dat geeft goede hoop dat de haring zich nog blijft ontwikkelen.”
Etymologie
*(eponiem), afgeleid van "Magere Hein" de verpersoonlijking van de dood, voorgesteld als een bewegend geraamte, op te vatten als ; geschreven met een kleine letter volgens
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek