magere hein

mannelijk (de)/ˌmaɣərəˈhɛin/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. persoon, schertsend (persoon) (schertsend) zeer magere en vrij lange man
    Tenzij je een magere hein bent die normaal amper wat eet natuurlijk.
  2. figuurlijk (figuurlijk) zeer mager dier
    „In het begin zaten er veel ‘magere heinen’ tussen”, aldus Leewis. „Maar de laatste dagen zijn de vissers tevreden: er zit voldoende voedsel in de maag en dat geeft goede hoop dat de haring zich nog blijft ontwikkelen.”

Etymologie

*(eponiem), afgeleid van "Magere Hein" de verpersoonlijking van de dood, voorgesteld als een bewegend geraamte, op te vatten als ; geschreven met een kleine letter volgens