maiskip

vrouwelijk (de)/ˈmɑjskɪp/

Wat is de betekenis van maiskip?

maiskip betekent: (landbouw) kip waaraan veel mais en vaak ook kleurstof is gevoerd

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. landbouw (landbouw) kip waaraan veel mais en vaak ook kleurstof is gevoerd
  2. voeding (voeding) geel getint vlees van kippen waaraan veel mais en vaak ook kleurstof is gevoerd

Voorbeelden van "maiskip" in een zin

  • Het is belangrijk een maiskip te nemen. De ondoordringbare zoutverpakking houdt alle geuren binnen, en een „gewone" kip die zich met vismeel in leven heeft moeten houden, ruikt daar na deze bereidingswijze zeer nadrukkelijk naar.
  • Vraag uw leverancier een flinke braadkip (liefst een zg. boerekip of een „maiskip") in acht stukken te verdelen.
  • Maal in de keukenmachine de maiskip heel fijn, samen met de cognac en eventueel een beetje room.
  • De menukaart van chefkok Ad Bocxe is er eentje zonder fratsen — een gekkigheidje als scampi met maiskip, of kalfsbiefstuk gevuld met gerookte zalm daargelaten.

Veelgestelde vragen over maiskip

Wat is de betekenis van maiskip?

maiskip betekent: (landbouw) kip waaraan veel mais en vaak ook kleurstof is gevoerd

Hoeveel betekenissen heeft maiskip?

maiskip heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft maiskip?

maiskip is een vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van maiskip?

Synoniemen van maiskip zijn: maïskip.

Hoe gebruik je maiskip in een zin?

Voorbeeld: “Het is belangrijk een maiskip te nemen. De ondoordringbare zoutverpakking houdt alle geuren binnen, en een „gewone" kip die zich met vismeel in leven heeft moeten houden, ruikt daar na deze bereidingswijze zeer nadrukkelijk naar.

Etymologie

*, vanaf 1976 (in advertenties) aangetroffen