manchetknoop

mannelijk (de)/mɑnˈʃɛtknop/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een sierknoop die de manchet aan de mouw van een overhemd sluit
    Bij een chique overhemd horen manchetknopen gedragen te worden.
    Vervolgens boog hij zich naar mij toe en zei mij op een fluistertoon dat hij er zeker geen gewoonte van wilde maken om zich te bemoeien met zaken die hem niet aangingen, maar dat hij het niet kon helpen dat het hem was opgevallen dat mijn linker manchetknoop niet goed was gesloten en dat hij het zichzelf nooit zou vergeven als ik hem zou verliezen ten gevolge van zijn discretie.

Vertalingen

Engelscufflink
Fransbouton de manchette
DuitsManschettenknopf
Spaansgemelo, mancuerna
Poolsspinka do mankietu