markeren
/mɑr.kɪː.rə(n)/
Wat is de betekenis van markeren?
markeren betekent: (ov) het afbakenen van een grens
Betekenis
werkwoord
- (ov) het afbakenen van een grens
Voorbeelden van "markeren" in een zin
- Zij waren bezig de vluchtstrook met een ononderbroken witte lijn te markeren.
- Nog voordat ik mijn pakken en overhemden ging uithangen in de kleerkast in de achterkamer, voerde ik het ritueel uit waarmee ik het bureau als mijn territorium markeerde.
Veelgestelde vragen over markeren
Wat is de betekenis van markeren?
markeren betekent: (ov) het afbakenen van een grens
Hoe gebruik je markeren in een zin?
Voorbeeld: “Zij waren bezig de vluchtstrook met een ononderbroken witte lijn te markeren.”
Etymologie
*afgeleid van het Franse marquer () [https://fr.wiktionary.org/wiki/marquer Wiktionnaire]
Vertalingen
Engelsmark
Fransmarquer
Duitsmarkieren
Spaansmarcar, acotar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek