massahysterie

vrouwelijk (de)/ˈmɑsaˌhisteˌri/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onbeheerste opwinding van een massa mensen
    In Demmin (Mecklenburg-Voor-Pommeren) ontstond bij de intocht van de Russen in 1945 een massahysterie, veroorzaakt door de demonisering van de Sovjets in de nazipropaganda, waarbij groepen mensen gezamenlijk zelfmoord begonnen te plegen en er 1000 tot 2500 doden vielen

Vertalingen

Spaanshisteria colectiva