met
onzijdig (het)/mɛt/
Wat is de betekenis van met?
met betekent: en daarbij
Betekenis
voorzetsel
- en daarbij
- in gezelschap van
- als partner hebbende
- als gevoel hebbende
- na, als gevolg van
- gelijktijdig met, tijdens
- ter gelegenheid van
- gebruik makend van, door middel van, met behulp van
zelfstandig naamwoord
- (verouderd) voedsel dat halverwege de dag wordt gegeten
- (voeding) stukjes die overblijven bij het snijden van grotere stukken varkensvlees
Voorbeelden van "met" in een zin
- 's Ochtends eten we brood met beleg.
- Ik ga met hem mee.
- Morgen zal ik er met m'n manager over spreken.
- Hij bekeek de pentekening met interesse.
- Het wordt er met de tijd niet beter op.
Etymologie
*[B] van Middelnederlands """ / "meet" / "mette", dat teruggaat op *mati voedsel, vgl. : "meat"
Uitdrukkingen
- af te rekenen hebben met
- gaan met die banaan
- geen weg weten met
- huilen met de pet op
- met de voeten spelen
- met de voeten treden
- met horten en stoten
- met twee maten meten
Vertalingen
Engelswith
Fransavec
Duitsmit
Spaanscon
Italiaanscon
Portugeescom
Russischс
Chinees和
Japansを伴って, 付きの
Koreaans와
Arabischب
Poolsz
Zweedsmed
Deensmed
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek