mineur
mannelijk/vrouwelijk (de)/miˈnør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (militair) persoon die mijnen legt of ingraaft
- (muziek) een toonsoort met een ingetogen karakter, met soms een "droevige" associatieNa deze vrolijke passage slaat de stemming om, en het stuk eindigt in mineur.
- (muziek) in een toonsoort met een ingetogen karakter
- (muziek) “klein” in de benaming van bepaalde intervallen, akkoorden en toonladders; vaak genoemd in combinatie met het terts-intervalEen terts is een interval dat: “groot”, “klein” (mineur), “overmatig” of “verminderd” kan zijn.Een kleinetertstoonladder, een mineurtoonladder, heeft als derde toon een “kleine terts.”Een klein akkoord, een mineurakkoord, heeft minimaal het interval “kleine terts.”
Etymologie
*Van het Latijnse minor via Frans mineur (kleiner, kleinste)
Vertalingen
Engelsminor
Fransmineur
DuitsMoll
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek