momboor

mannelijk (de)/ˈmɔmbor/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) iemand die als vervanger het ouderlijk gezag uitoefent, bijvoorbeeld bij wezen
  2. verouderd (verouderd) de man die optreedt in de plaats van zijn echtgenote, die geen recht van handelen had
  3. verouderd (verouderd) gevolmachtigd vertegenwoordiger van een overheidslichaam

Etymologie

* Middelnederlands montbōre, mombōre ‘voogd, zaakgelastigde, burgerlijk bestuurder’, samenstelling van mont (vooral Noord-holl. en Fries) ‘macht, bevoegdheid; voogdij’ en -bōre ‘drager’, nomen agentis bij baren ‘dragen’; zie verder mondig, -boor.