woorden
boek
Start
›
M
›
mondzorg
mondzorg
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
de zorg die wordt verleent aan de mond en de tanden van patiënten
Verwante woorden
mond
mond op mond
mond-en-klauwzeer
mond-en-klauwzeercrisis
mond-keelholte
mond-op-mondbeademing
mond-tot-mondreclame
mondain
mondaine
mondainer
mondainere
mondains
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← mondwaters
mondzorgkunde →