muntstuk

onzijdig (het)/ˈmʏntstʏk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een geslagen stuk metaal, veelal rond van vorm, dat als betaalmiddel fungeert
    Je hebt voor deze automaat twee muntstukken van een euro nodig.

Etymologie

*hier komt de etymologie van het woord-->