nafta

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheikunde (scheikunde) een mengsel van koolwaterstoffen dat ontstaat bij het destilleren van ruwe olie als condensaat bij temperaturen vanaf 70°C (lichte nafta, aantal koolstofatomen tot 5) en van circa 80 tot 150 graden Celsius (zware nafta, aantal koolstofatomen 5 tot 10)

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘petroleum’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1778

Vertalingen

Spaansnafta