nakauwen

/ˈnakɑuwə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. steeds maar weer over hetzelfde blijven nadenken
    We namen hartelijk afscheid in het besef dat hier voor de rest van ons leven misschien iets heel moois was geboren. Ik bleef vooral lang nakauwen op die prachtige laatste zin van Trees: "Het gaat toch om vroeger?" NRC F. Abrahams 12 november 2003 [https://www.nrc.nl/nieuws/2003/11/12/dylan-7661775-a1159129 Dylan]
    Beleggers zullen verder ook nog nakauwen op de G7-top in Canada. Trump heeft zich niet geschaard achter de gemeenschappelijke slotverklaring die aan het einde van de G7-top werd samengesteld. Volgens Trump heeft de Canadese premier Justin Trudeau valse verklaringen afgelegd. De Telegraaf 10 juni 2018 [https://www.telegraaf.nl/financieel/2150530/focus-beleggers-op-vergaderingen-fed-en-ecb "Focus beleggers op vergaderingen Fed en ECB"]
    Elf september 2001 is geschiedenis van de televisie. Over de moord op Fortuyn hoorde ik via de radio. Sindsdien is het niet meer opgehouden. Radio Eén en Business Nieuws Radio voor het laatste nieuws. En vervolgens zie je 'savonds {{sic!|'s avonds