nakijken
onzijdig (het)/ˈnakɛikə(n)/
Betekenis
werkwoord
- iets ~: corrigeren van een geschreven tekst of huiswerkEén voor één keek de leraar alle proefwerken na.
- iets/iemand ~ : een blik werpen op (iets of) iemand die vertrektIk keek haar na tot ze de hoek omliep.
zelfstandig naamwoord
- ~ geven: iemand overklassenDe spits gaf met die flinke trap de keeper het nakijken.
- ~ hebben: overklast worden door iemandNa die flinke trap had de keeper het nakijken.
Uitdrukkingen
- Het nakijken hebben — Iets niet krijgen, de verliezende partij zijn, aan het kortste eind trekken
Vertalingen
Engelscheck
Franscontrôler
Spaanscomprobar, averiguar, examinar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek