nasporen

//

Betekenis

werkwoord
  1. erga, verouderd (erga) (verouderd) achter mens, dier of voertuig aangaan door het volgen van dezelfde, bekende route
    We nemen een trein later en sporen jullie na.
  2. ov (ov) het trachten te achterhalen welke weg een mens, dier of voertuig is gegaan, het natrekken van het verloop van gebeurtenissen of het vaststellen van feiten
    Hij spoort nu de Canadese tak van de familie na.

Vertalingen

Engelstrack, trace
Franssuivre, dépister
Duitsnachforchen, nachspüren