nek

mannelijk (de)/nɛk/

Wat is de betekenis van nek?

nek betekent: (anatomie) achterste gedeelte van de hals

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) achterste gedeelte van de hals

Voorbeelden van "nek" in een zin

  • Haar nek deed pijn en haar hoofd bonkte.
  • Ik droeg een pet met een lange achterflap om mijn nek te beschermen tegen de zon.
  • Maar Teresa zweeg, met haar blik nog steeds op de uitgebrande kerk gericht, en het was alsof Olive de harde, donkere haarpunten in haar eigen nek voelde vallen.

Betekenis en uitleg van nek

De nek is het gedeelte van het lichaam dat het hoofd verbindt met de rest van de romp. Het is een flexibele structuur die niet alleen ondersteuning biedt, maar ook beweging mogelijk maakt, zoals draaien en buigen van het hoofd.

Het woord 'nek' wordt vaak gebruikt in verschillende contexten, zoals in gezondheidsproblemen (bijvoorbeeld nekpijn) of in meer informele uitdrukkingen. Je zou het kunnen gebruiken om de aandacht op iets te vestigen, bijvoorbeeld als je zegt dat iemand 'zich in de nek laat kijken'. Dit geeft aan dat ze niet oplettend zijn of dat ze iets gemist hebben.

Voorbeelden

  • Na een lange dag achter de computer had ik een vervelende stijve nek.
  • Ze draaide haar nek om de drukte achter zich te kunnen zien.
  • Tijdens de yoga-les leerde ik hoe ik mijn nek beter kon ontspannen.

Woordoorsprong

Het woord 'nek' heeft zijn oorsprong in het Oudnederlands en is verwant aan vergelijkbare woorden in andere Germaanse talen, zoals het Duitse 'Nacken'.

Veelgestelde vragen over nek

Wat is de betekenis van nek?

nek betekent: (anatomie) achterste gedeelte van de hals

Welk woordgeslacht heeft nek?

nek is een mannelijk (de).

Hoe gebruik je nek in een zin?

Voorbeeld: “Haar nek deed pijn en haar hoofd bonkte.

Etymologie

* In de betekenis van ‘achterste deel van hals’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1350

Uitdrukkingen

  • De nek [durven] uitstekenEen bepaald risico durven nemen (ten behoeve van iets anders)
  • Iemand de nek toekerenNiets meer met iemand te maken willen hebben (≈ iemand de rug toekeren)
  • Iemand met de nek aankijken (aanzien)Iemand negeren en minachtend behandelen
  • Iemand op de nek zittenIemand continu controleren om te zien of diegene het opgedragen werk goed doet, al af heeft, etc.
  • Ik heb geen ogen in mijn nek!Ik kan niet zien wat er achter me gebeurt!
  • Nek aan nekOp gelijke positie voortgaan bij een race
  • Over zijn nek gaanovergeven, vomeren
  • Tot aan/over zijn nek in de problemen/schulden, ... zittenHeel veel problemen, schulden e.d. hebben

Vertalingen

Engelsnape
Fransnuque
DuitsNacken
Spaansnuca, cogote
Italiaansnuca
Portugeesnuca
Arabischقفا
Turksense
Poolsszyja, kark