nekspier

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈnɛkspir/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) een van de spieren van de nek die vooral dienen om het hoofd op te heffen en te draaien om de lengteas
    Als je de nekspieren verrekt, heb je een stijve nek.
    Na langdurig werken achter de computer kun je last krijgen van je nekspieren.