noch

/nɔx/

Betekenis

voegwoord
  1. formeel (formeel) en (ook) niet
    Natuurlijk hebben noch ik noch de heren in lange jurken enig idee wat waar is en wat niet, maar je moet tenslotte toch ergens in geloven.

Etymologie

*(erfwoord), via Middelnederlands "noch" van Oudnederlands "noch", als nevenschikkend voegwoord aangetroffen vanaf 901

Uitdrukkingen

  • Ergens heet noch koud van wordenZich nergens iets van aantrekken
  • Ergens part noch deel aan hebbenErgens niets van weten of niet aan deelgenomen hebben
  • Heg noch steg wetenErgens de omgeving totaal niet kennen
  • Kind noch kraai hebbenNiemand hebben om voor te zorgen
  • Kraak noch smaak hebben
  • Taal noch teken van iemand vernemenNiets van iemand horen/zien
  • Van god noch zijn gebod wetenSlechte dingen durven doen
  • Van toeten noch blazen wetenGeen verstand hebben van iets

Vertalingen

Engelsneither
Fransni
Spaansni