noot
mannelijk/vrouwelijk (de)/not/
Wat is de betekenis van noot?
noot betekent: (kookkunst) (voeding) iedere grote, oliehoudende vrucht (of het zaad ervan) met een pit in een al dan niet harde schaal en die in voedsel wordt gebruikt
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kookkunst) (voeding) iedere grote, oliehoudende vrucht (of het zaad ervan) met een pit in een al dan niet harde schaal en die in voedsel wordt gebruikt
- droge, niet-openspringende, eenzadige, enkelvoudige boomvrucht met verhoute vruchtwand; echte noot
- (muziek) een schriftteken voor een geluid van zekere tijdsduur en toonhoogte, een muzieknoot
- aantekening onder of achter een tekst, een voetnoot
Voorbeelden van "noot" in een zin
- Zo zat er in elke doos ontbijt, lunch en avondeten, maar ook al mijn snacks, repen en noten voor onderweg en papieren landkaarten voor de volgende etappe, nieuw wc-papier en om de 700 kilometer een paar nieuwe schoenen.
- Beuken en hazelaars brengen noten voort.
- In maat twintig verslikte de zangeres zich in al die snelle nootjes.
- Non, je ne regrette rien. Haar stem ging door merg en been. Nog nooit had ik een versie gehoord van dit chanson waar geen enkele noot de juiste was. {{Aut|Sandes, David
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘aantekening’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240
Uitdrukkingen
- [2] Een harde noot kraken — Dingen bespreken die moeilijk liggen / Een moeilijke beslissing nemen / Een moeilijk karwei doen
- [3] Veel noten op zijn zang hebben — Veel drukte maken / Veel praatjes over iets hebben
Vertalingen
Engelsnut, nut, note
Fransnoix, fruit à coque, note
DuitsNuss, Nussfrucht, Note
Spaansnuez
Italiaansfrutto a guscio
Poolsorzech
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek