notulen

meervoud/noˈtylə(n)/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beknopt verslag van een bijeenkomst
    De notulen worden steeds door iemand anders gemaakt.

Etymologie

* via Middelnederlands "notele" van middeleeuws Latijn "notula", in de betekenis van ‘aantekeningen van vergadering’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1592

Vertalingen

Engelsminutes
Fransprocès-verbal
DuitsProtokoll
Spaansacta
Italiaansverbale
Zweedsmötesprotokoll