oblaat
mannelijk/vrouwelijk (de)/obˈlat/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- hostie, ouwel
- avondmaalsbrood
- lid van een katholieke kloosterorde of iemand die van plan is om daar lid van te wordenDe pater Oblaat sprak hun taal, schreef boeken over hun eeuwenoude tradities en cultuur en werkte zich op tot een gereputeerd en alom gerespecteerd innu-deskundige.
- afgeplatte bol
Etymologie
* uit het Latijn
Vertalingen
DuitsHostie, Oblate, Abendmahlsbrot
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek