octant
mannelijk (de)/ɔkˈtɑnt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart), (verouderd) een hoekmeetinstrument dat ondermeer werd gebruikt om de hoogtehoek van een hemellichaam boven de horizon te meten, en om de hoek tussen twee aardse objecten te metenDe gradenboog van een octant is eenachtste deel van een cirkel.
- (meetkunde) elk van de acht delen die ontstaan als een ruimte wordt verdeeld door drie haaks op elkaar staande vlakken
- (astronomie) schijngestalte van de maan precies halverwege nieuwe of volle maan enerzijds en eerste of laatste kwartier anderzijds
Etymologie
*van "octant", in de betekenis van ‘hoekmeter’ voor het eerst aangetroffen in 1740
Vertalingen
Engelsoctant
Fransoctant
DuitsOktant
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek