oecumene
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- beweging die de eenheid van (diverse groepen binnen) een religie nastreeft
Etymologie
* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘algemene kerk’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1952
Vertalingen
Engelsecumene
Fransécoumène
Spaansecumenismo
Italiaansecumene
Poolsekumena
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek