oké

/oˈke/

Betekenis

tussenwerpsel
  1. goed, in orde
    Sietse: „Dan krijg ik vaak donderdag al een appje van een goede vriendin: ‘Kom we gaan dit weekend naar dit feest.’ ‘Oké, ik ben er’, app ik dan terug.
    Verplicht thuis zijn, oké, maar het liefst wel zo gezond mogelijk.
  2. toegegeven
    ‘Oké…’ hoorde ik op een obligate toon zachtjes achter me.
    Voordeliger hoeft thuis restaurantje spelen ook niet te zijn. Oké, je betaalt iets minder voor de ingrediënten dan in een restaurant, maar goede producten zijn nooit goedkoop, ook niet bij de groothandel.

Etymologie

*van "OK" / "okay", een (eponiem) wanneer het wordt opgevat als een afkorting van "Old Kinderhook", een bijnaam van de Amerikaanse president , die in was geboren; in de betekenis van ‘tussenwerpsel: goed’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1899

Vertalingen

Engelsokay, OK
FransO.K., d'accord
Duitsalles klar, in Ordnung, O.K.
Spaansvale, de acuerdo