oliestook
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- verwarming die werkt op aardolieproductenTamelijk klein behuisd als we in Amsterdam waren, konden we ons geluk niet op in dit grote drie verdiepingen tellende huis. Ik som op: een wijnkelder, op de benedenverdieping de keuken, de étude van de notaris, de ruimte voor de verwarmingsketel (die ik 's winters met kolen voedde, later verving door oliestook), een salon, een woonkamer, een prachtig getegelde gang; trap op: badkamer, drie slaapkamers, waarvan één mijn werkkamer werd, een strijkkamer; trap op: een gigantische zolder. de Volkskrant Remco Campert21 augustus 2014 [https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/het-vakantiehuis-dat-ik-35-jaar-bezat-maar-zes-maanden-bewoonde~b9f15aca/ Het vakantiehuis dat ik 35 jaar bezat, maar zes maanden bewoonde]
Vertalingen
Engelsoil stove, oil-fired heater
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek