omdragen

Betekenis

werkwoord
  1. iets vervelends, pijnlijks, onaangenaams moeten verdragen
    Jan den Ouden, kunstdocent aan het Van Lodenstein College, leidt het onderwerp in. De beamer toont een schilderij van Rembrandt. Twee groepen mensen komen bij Christus. Links staan de farizeeën, zij die Hem niet nodig hebben. Rechts bevinden zich de zieken, de kranken, zij die weten dat ze een dodelijke kwaal omdragen. Zij hebben een Medicijnmeester, een Zaligmaker nodig. Reformatorisch Dagblad 27-03-2018 [https://www.rd.nl/jongerenwerk-gereformeerde-gemeenten-in-nederland-groeit-1.1476877 Jongerenwerk Gereformeerde Gemeenten in Nederland groeit]
    Je wilt niet getroost zijn. Je wilt het gemis in je omdragen, voor altijd. Troost is verraad. NRC Marjoleine de Vos 18 februari 2011 [https://www.nrc.nl/nieuws/2011/02/18/ontroostbaar-trouw-11998032-a955844 Ontroostbaar trouw]
  2. iets of iemand dragend rondvoeren