ondergang
mannelijk (de)/ˈɔndərˌɣɑŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het verdwijnen onder de horizon van een hemellichaamDe ondergang van Venus is vandaag iets eerder dan die van de maan.
- het verdwijnen van een stad, staat of cultuur, met name ten gevolge van oorlogDe ondergang van de Klassieke Mayacultuur is nog altijd raadselachtig.Mathematicus Spina, die voor desen treffelijck getroffen heeft, deselve prognosticeert des Turcken ondergang in den Iare 1650. desgelijcx doetoock een Monnick , dewelcke over Vranckrijck in Polen ghe
- het kapot gaan van ietsAls de aanstaande ondergang van het Aquarium dit jaar het sombere nieuwtje binnen de familie was, dan was het des te merkwaardiger dat hij bij zijn broer thuis was om te vieren wat juist de grootste vreugde van de familie was geweest.
- de dood of het verzinken in ellende van een persoonDe drank wordt nog je ondergang als je zo doorzuipt!
Etymologie
*Afgeleid van ondergaan,
Vertalingen
Engelssunset, decline, decay
Franscoucher, déclin, décadence
DuitsUntergang, Untergang, Verfall
Spaanspuesta, baja, decadencia
Russischзакат, упадок, погибель
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek