onoorbaar

Wat is de betekenis van onoorbaar?

onoorbaar betekent: ontoelaatbaar, ongepast, onbetamelijk, onfatsoenlijk, onbillijk

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. ontoelaatbaar, ongepast, onbetamelijk, onfatsoenlijk, onbillijk

Voorbeelden van "onoorbaar" in een zin

  • In de notulen staat niks onoorbaars.

Veelgestelde vragen over onoorbaar

Wat is de betekenis van onoorbaar?

onoorbaar betekent: ontoelaatbaar, ongepast, onbetamelijk, onfatsoenlijk, onbillijk

Hoe gebruik je onoorbaar in een zin?

Voorbeeld: “In de notulen staat niks onoorbaars.

Etymologie

afleiding van oorbaar met het voorvoegsel on-