onraad
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- dreigend gevaarHet was zo'n onschuldige opmerking dat van iedereen in de kamer alleen Oscar en Ingeborg onraad vermoedden en elkaar snel een waarschuwende blik toewierpen.
Etymologie
*antoniem van raad
Vertalingen
Engelsalarm, danger, peril
Spaansalarma, peligro
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek