onrustzaaier

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die opschudding teweegbrengt met schrikbarende verhalen die vaak overdreven of gewoonweg onwaar zijn
    Die onrustzaaier moet eens gezegd worden dat hij zijn mond moet houden.

Etymologie

*Samenstellende afleiding van onrust en de stam van zaaien

Vertalingen

Engelstroublemaker
DuitsUnruhestifer, Aufwiegler
Zweedsorosstiftare