oosterkim

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de oostelijke horizon waar de zon opkomt
    Op uitnodiging van loge De Oosterkim verzorgt Huib Lazet woensdag 22 juni (aanvang 19.45 uur) een openbare lezing in het Koetshuis aan de Marktstraat over de vrijmetselarij. In woord en beeld vertelt hij meer over de geschiedenis van de vrijmetselaars.
    Als morgenster fonkelt hij in alle vroegte aan de oosterkim, met de kleurschakering van de regenboog. Als een heraut die het sterven van de nacht aankondigt. Een troubadour die de doorbraak van de dag bezingt. De intocht van het licht!