opblaaspop
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɔblasˌpɔp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (levensgrote) opblaasbare popdat jaar namen ze met kamperen geen luchtbedden mee maar opblaaspoppen
Vertalingen
Spaansmuñeca hinchable, muñeca inflable
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek