openingsfase

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. periode direct na het begin van iets
    De 21-jarige Zaniolo geldt als één van de gezichten die het Italiaanse elftal van nieuw elan voorziet. Tegen Nederland was hij in de openingsfase bijna succesvol met een stijlvolle omhaal.
    Oranje miste na de goede openingsfase ook de scherpte om het Russische blok uit elkaar te spelen.