opschrok

Wat is de betekenis van opschrok?

opschrok betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opschrokken

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opschrokken
  2. enkelvoud verleden tijd van opschrikken

Voorbeelden van "opschrok" in een zin

  • ... dat ik opschrok.
  • ... dat ik opschrok.
  • ... dat jij opschrok.