opschrok
Wat is de betekenis van opschrok?
opschrok betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opschrokken
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opschrokken
- enkelvoud verleden tijd van opschrikken
Voorbeelden van "opschrok" in een zin
- ... dat ik opschrok.
- ... dat ik opschrok.
- ... dat jij opschrok.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek