opvoeding
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (sociologie) het proces waarin iemand wordt gevormd naar de normen van diens opvoeders, en daarmee meestal de samenleving waarin hij leeftZe had een aanstekelijke energie en we spraken al snel over zaken als conventies, opvoeding en hang naar vrijheid.De eerste week zonder ijs waren de ochtendgebedbijeenkomsten hopeloos. Dat was het nieuwe onhandige woord omdat het niet langer alleen om ochtendgebeden en God ging, zoals enkele jaren geleden. Nu richtten ze zich meer op de opvoeding.
- (sociologie) iemands algemene vorming en ontwikkelingOnze katholieke opvoeding was een victoriaans reliek, vol verhalen over gevallen vrouwen, over reddeloos verloren meisjes verdronken in de vijvers van hun eigen onnozelheid.
Etymologie
*Naamwoord van handeling van opvoeden .
Vertalingen
Engelsraising, upbringing, education
Franséducation, éducation, formation
DuitsBildung, Erziehung
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek