Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
opweek
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de week waarin iemand dienst heeft.In de opweek presenteerde zij het journaal.
Etymologie
* Samenstelling van op (van op en af) en week
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek