opzien

/ˈɔpsin/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) ~ naar: in hoog aanzien hebben, van hogere status achten
    Hij heeft altijd opgezien naar zijn oudere broer.
  2. inerg (inerg) ~ tegen: iets met angst en vrees bekijken
    Hij heeft ontzettend opgezien tegen die operatie.
    En nu leek ze zo opgelucht, alsof ze dat gezegd had wat moeilijk was en waar ze tegen op had gezien.

Vertalingen

Engelslook up, dread
Duitsfürchten, fürchten
Spaansadmirar, repetar, temer