overgave

mannelijk/vrouwelijk (de)/'ovərɣavə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het opgeven van de strijd en zich aan de vijand onderwerpen
    De overgave van de stad was onvermijdelijk geworden.
    Een democratie gaat zelden van de ene op de andere dag ten onder. Ze wordt geleidelijk uitgehold door overgave: rationalisaties en compromissen van machthebbers die zichzelf wijsmaken dat een klein beetje toegeven veiligheid biedt, of dat meebewegen met een ontwrichter praktischer is dan hem te weerstaan.[https://www.nrc.nl/nieuws/2025/09/25/waarschuwingen-uit-weimar-a4907275 www.nrc.nl (25 sep 2025)]
  2. een volledige toewijding
    Zij zongen vol overgave mee met de menigte.
    Ik stortte me vol overgave op dit nieuwe, zuinige leven.

Etymologie

* van overgeven.

Vertalingen

Engelssurrender, devotion, dedication
Franscapitulation, dévouement
DuitsKapitulation, Hingabe
Spaanscapitulación, dedicación