Overloop
mannelijk (de)/ˈovərˌlop/
Wat is de betekenis van Overloop?
Overloop betekent: gang op een bovenverdieping
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gang op een bovenverdieping
- overlappend
- overgaan van een toestand naar een andere
- migratie van stad naar het platteland
- (statistiek) het verschil tussen het niveau van een variabele aan het eind van het jaar en het gemiddelde jaarniveau van die variabele
Voorbeelden van "Overloop" in een zin
- ' Op de overloop draaide Lawrie zich naar me om.
- 'Wat heb je in vredesnaam gedaan?' Nella loopt zachtjes over de overloop en hapt naar adem als ze ziet wat de drie mannen hebben achtergelaten.
- Op de overloop boven aan de trap stond een grote vaas met plastic bloemen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek