overschat

ˌovərˈsxɑt

Wat is de betekenis van overschat?

overschat betekent: enkelvoud tegenwoordige tijd van overschatten

Betekenis

werkwoord
  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van overschatten
  2. gebiedende wijs van overschatten
  3. werkwoordsvorm in het nederlands, wikiwoordenboek:test/tpsdeelwoord voltooid deelwoord van overschatten
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overschatten
  2. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overschatten
  3. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overschatten

Voorbeelden van "overschat" in een zin

  • ... dat ik overschat.
  • ... dat jij overschat.
  • ... dat hij overschat.

Etymologie

óverschat: óverschatten ww zonder de uitgang -en