overwinningsroes

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de zeer opgewonden toestand waarin iemand verkeerd die een zege heeft behaald
    In een overwinningsroes werkt NEC aan een eredivisiewaardige club
    Maar in de Reddit-groep WallStreetBets - de verzamelplaats van bijna acht miljoen kleine beleggers - heerst geen nieuwe overwinningsroes. Daar wemelt het inmiddels juist van de waarschuwingen om niet in zilver te investeren. Belangrijkste argument: de 'grote jongens' van Wall Street hebben juist baat bij een hogere zilverprijs.