palenpest

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een vorm van aantasting van houten paalfunderingen door anaerobe Pseudomonas bacteriën
    In de grenenhouten heipalen is palenpest geconstateerd. De kerk zal opnieuw beheid moeten worden. In de nieuwe vloer zal tevens vloerverwarming worden aangebracht.