pantoffel

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van pantoffel?

pantoffel betekent: een comfortabel soort schoeisel bedoeld om in huis te gedragen te worden

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een comfortabel soort schoeisel bedoeld om in huis te gedragen te worden

Voorbeelden van "pantoffel" in een zin

  • Het dienstmeisje gaf me een paar pantoffels toen ik mijn schoenen had uitgetrokken en bracht me naar de salon, want nu heette het salon en niet woonkamer.

Betekenis en uitleg van pantoffel

Een pantoffel is een comfortabele, vaak zachte schoen die je binnenshuis draagt. Ze zijn ideaal voor ontspannen momenten thuis, omdat ze je voeten warm houden zonder dat je je schoenen aan hoeft te trekken.

Het woord 'pantoffel' wordt vaak gebruikt in informele gesprekken, vooral wanneer mensen het hebben over hun huiselijke omgeving. Je draagt pantoffels meestal als je thuis bent, bijvoorbeeld tijdens een filmavond of een rustig weekend. Ze kunnen ook symbolisch zijn voor ontspanning en thuiskomen, en soms worden ze zelfs als cadeau gegeven om iemand een gevoel van comfort te bieden.

Voorbeelden

  • Na een lange werkdag trok ik mijn pantoffels aan en plofte op de bank.
  • De kinderen renden rond in hun kleurrijke pantoffels, vrolijk gillend door het huis.
  • Ze gaf hem een paar warme pantoffels voor zijn verjaardag, zodat hij het nooit meer koud zou hebben.

Woordoorsprong

Het woord 'pantoffel' komt vermoedelijk van het Franse 'pantoufle', dat een soort binnenschoen of slippers aanduidt.

Veelgestelde vragen over pantoffel

Wat is de betekenis van pantoffel?

pantoffel betekent: een comfortabel soort schoeisel bedoeld om in huis te gedragen te worden

Welk woordgeslacht heeft pantoffel?

pantoffel is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van pantoffel?

Synoniemen van pantoffel zijn: slof.

Hoe gebruik je pantoffel in een zin?

Voorbeeld: “Het dienstmeisje gaf me een paar pantoffels toen ik mijn schoenen had uitgetrokken en bracht me naar de salon, want nu heette het salon en niet woonkamer.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘huisschoen’ voor het eerst aangetroffen in 1492

Uitdrukkingen

  • Onder de pantoffel zitten (of staan)thuis niets te vertellen hebben

Vertalingen

Engelsslipper
Franspantoufle
Spaansbabucha, chinela, zapatilla
Italiaanspantofola
Turksterlik, pantufla