papyrus
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) bepaald soort cypergras uit tropisch en subtropisch Afrika,
- een oude vorm van papier uit [1] vervaardigd, die men 5000 jaar geleden al in Egypte gebruiktePapyrus wordt als volgt gemaakt: een aantal lagen, in lange repen gesneden, papyrusstengels werden als een weefwerk op elkaar gelegd, en terwijl ze nog nat zijn samengedrukt. Het kleverige plantensap fungeerde als bindmiddel.
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘papierplant’ voor het eerst aangetroffen in 1778
Vertalingen
Spaanspapiro
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek