patch

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informatica (informatica) aansluiting van apparaten via een ethernetkabel
    De systeembeheerder verzorgt de patches voor de verschillende computers.
  2. informatica (informatica) softwareaanpassing, bedoeld om fouten te verhelpen
    Na enig heen en weer gepraat met de elektronische helpdesk van Encyclopaedia Britannica heb ik via e-mail een fix (patch of hulpprogramma) ontvangen, waardoor de CD-rom nu ook met de Nederlandse versie van Microsoft Internet Explorer kan bekeken worden. NRC Joop Blom 2 mei 1998

Etymologie

*Van "patch"