Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

pater davids sneeuwvink

mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een zangvogel uit de familie (mussen). Deze soort telt 2 ondersoorten

Etymologie

* (eponiem), vaste verbinding van de bezitsvorm van (Armand David, botanicus en zoΓΆloog, (1826-1900)) en "sneeuwvink"