piekautomaat

mannelijk (de)/ˈpikɑutoˌmat/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. speelautomaat die per honderd speeluren niet meer dan een à twee keer uitbetaalt. In plaats van regelmatig een beetje geld uit te keren, doet dit apparaat lange tijd niets, om dan plotseling heel veel pieken ‘guldens’ uit te betalen