Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
pijpkraag
mannelijk (de)/ˈpɛipkrax/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kleding) schijf bestaand uit sterk golvende stof rondom de hals, als versiering van bovenkledingLipsius, gekleed in zijn toga en met pijpkraag, neemt een centrale plaats in.
- (techniek) schijf rondom een buis op een plaats waar die door een oppervlak gaat, als afdichting, versteviging of versieringMassiefhouten pijpkragen verbergen de tussenruimte rond pijpen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek