pinken
/ˈpɪŋkən)/
Betekenis
werkwoord
- met de pink verwijderenOntroerd pinkte zij een traantje weg.
- knipperen van een lichtjeHet pinken van dit lampje wil zeggen dat de accu bijna leeg is.
- (verouderd) knippen met de ogenMet pinkende oogjes keek Jaapje om zich heen.
Vertalingen
Duitszwinkern
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek